DEEL 1


I 1
Rotterdam-N Haven, huisorgel D. van den Hooven
(Rotterdam, huisorgel H. van den Hooven, Nieuwehaven 161, Rotterdam)
Hendrik van den Hooven (27-03-1898 - 22-03-1959), vader van de organist/orgeldocent Nico van den Hooven, was handelaar. Hij had grote belangstelling voor kunst en cultuur en speelde orgel. Enkele malen trad hij als orgeladviseur op.
Dit twee-klaviers huisorgel is een van de door Van der Hooven-zelf gemaakte instrument. Bouman geeft aan dat het bij het bombardement van 14 mei 1940 verwoest is. Nog hetzelfde jaar kocht Van den Hooven in Barendrecht een historisch kabinetorgel. Korte tijd later, nadat het gezin een definitieve woning had betrokken, bouwde hij opnieuw een huisorgel voor eigen gebruik.
Bronvermelding:
https://nicovandenhooven.nl/biografie/ (30-07-2024).


I 1
Hillesluis, huisorgel
(Rotterdam-Hillesluis, huisorgel van een onbekende eigenaar)
Met betrekking tot dit instrument heb ik geen informatie kunnen acherhalen.


I 2.
Rotterdam, Groote kerk
(Rotterdam, Protestantse Laurenskerk, Grotekerkplein 15)
De vermelde dispositie is die van de periode 1931-1940.
Verdere lotgevallen:
1940, Na het bombardement restten van dit instrument enkele klompen gesmolten orgelmetaal
en een koperen bazuin die oorspronkelijk door één van de engelen aan de zijkant van één van de pedaaltorens werd aangeblazen. Deze artefacten werd later onder het puin van de kerk teruggevonden.
Bronvermelding :
www.flickr.com/photos/museumrotterdam/8633544793/ (25-01-2021).


I 4.
Rotterdam, Grote kerk (koororgel)
(Rotterdam, Protestantse Laurenskerk, Grotekerkplein 15)
De dispositie is als die bij oplevering in 1959.
Verdere lotgevallen:
2017, Pels & van Leeuwen, restauratie.
Bronvermelding:
Reformatorisch Dagblad , 17-07-2017.


I 5.
Rotterdam, Zuiderkerk
(Rotterdam, voormalige Hervormde Zuiderkerk, Gedempte Glashaven)
De vermelde dispositie is de oorspronkelijke. Over de sterkte van de Cornet van het Hoofdwerk zijn een aantal opstellers het niet met elkaar eens: Broekhuyzen en Van 't Kruijs geven aan dat die 4 sterk is. Van Bommel, den Toom en Bouman vermelden een 5-sterke Cornet.
Bronvermelding:
Broekhuyzen, III-260; Van 't Kruijs, 33; Van Bommel, 73; Den Toom, 790.


I 6.
Rotterdam, Koninginnekerk
(Rotterdam-Crooswijk, voormalige Hervormde Koninginnekerk, Boezemsingel)
De vermelde dispositie is de oorspronkelijke.
Verdere lotgevallen:
1951, Van Leeuwen, wijzigingen mechaniek.
1971, De laatste kerkdienst vindt plaats op 31 december.
1972, Het orgel werd op een veiling voor f 9.140,- gekocht door de fa. Fonteyn. Enkele dagen
na de verkoop vernielden vandalen een deel van het nog in de kerk liggende pijpwerk. Van het resterende pijpwerk is later één en ander verwerkt in het orgel van de Julianakerk te Veenendaal.
Bronvermelding:
Het Vrije Volk , 01-11-1951; www.reliwiki.nl (25-01-2021); Reacties van lezers , De Orgelvriend , 21/11 (1979), 12; Leeuwarder Courant , 13-01-1972; De Orgelvriend , 28/10 (1986) 23.
M.b.t. de voorganger van het hier beschreven orgel:
Over dit orgel is geen informatie gevonden. Het was mogelijk een noodorgel dat de korte tijd heeft overbrugd tussen het moment van oplevering van het kerkgebouw op 1 april 1907 en de ingebruikneming van het Steenkuyl-orgel op 19 april 1908.


I 6.
Rotterdam-Feyenoord, Wilhelminakerk
(Rotterdam-Feyenoord, voormalige Hervormde Wilhelminakerk, Persoonsstraat 1)
De vermelde dispositie is die tot het moment dat Bik de dispositie van het eerste klavier aanpaste.
Het orgel had mechanische tractuur voor het 2 e klavier en het pedaal, het 1 e klavier was pneumatisch.
Verdere lotgevallen:
19xx, Vox Celeste 8' toegevoegd.
19xx, A. Bik, wijziging dispositie 1 e klavier.
1960, A. Bik, wijziging dispositie 2 e klavier.
1970, Herstelling.
1972, De laatste eredienst is op 15 oktober gehouden.
1973, Kerk en orgel zijn gesloopt. Pijpwerk hieruit is - zwaar vermaakt - door Vierdag hergebruikt in diens nieuwe orgel van de Oude Kerk in Veenendaal (1974). ook is pijpwerk verwerkt in een orgel in Alkmaar.
Bronvermelding:
www.orgbase.nl (28-04-2021); F. Asma, De restauratie van een koninklijk instrument en wat er zoal aan vast zit , Het Orgelblad , juli/aug. 1961, 97-102; Rien Buyk, Orgelbouw in de tweede helft der 19 e en de eerste helft der 20 e eeuw (deel 3), De Orgelvriend , 20/2 (1978), 24; Nederlands Dagblad , 24-12-1970, 6; www.reliwiki.nl (25-01-2021); www.orgbase.nl (16-04-2026)


I 7.
Rotterdam-Delfshaven, Nieuwe kerk
(Rotterdam-Delfshaven, voormalige Hervormde Nieuwe kerk, 's-Gravendijkwal 134)
De dispositie is die als bij de oplevering in 1905.
Verdere lotgevallen:
1940, Geconstateerde droogteschade.
1967, C.A. Koppe, restauratie.
1974, De kerk wordt buiten gebruik gesteld.
1975, Het orgel werd gesloopt.
Bronvermelding:
Het Orgel, 3/1 (1905), 5; De Harp , 35/2 (1940), 14; www.reliwiki.nl (25-01-2021); Bart van Buitenen, Hekelingen, Hervormde Kerk , De Orgelvriend , 45/2 (2003), 30-32.


I 7.
Rotterdam, Noorderkerk
(Rotterdam, voormalige Hervormde Noorderkerk, Jacob Catsstraat 107)
Bouman meldt op het 1 e klavier een Mixtuur 3-4 sterk is, dit moet zijn 3-5 sterk.
Verdere lotgevallen:
1974, De laatste dienst wordt op 28 april gehouden.
1974, Verschueren koopt het orgel en slaat het op in Heythuysen. De tinnen frontpijpen
alsmede C-E van de Prestant 16' worden om financiële redenen omgesmolten.
1986, Verschueren. De hoofdwerk-Trompet 8' gebruikt ten behoeve van het orgel van de St.-
Bavokerk te Raamsdonk.
1995, Verschueren. De hoofdwerk-Fagot 16' gebruikt ten behoeve van het orgel van de
Salvatorkerk te Bodegraven.
2010, Verschueren. Restauratie en herplaatsing in de Protestantse Catharinakerk te Asperen.
De in Bodegraven terecht gekomen Fagot wordt weer herplaatst. De Trompet wordt
gekopieerd naar het origineel in Raamsdonk.
Bronvermelding:
Dr. T. den Toom, Het Witte-orgel in de Hervormde kerk te Asperen . Kerk & Muziek , mrt/apr 2010, 16-25.


I 8.
Rotterdam-Delfshaven, Oude kerk
(Rotterdam-Delfshaven, Protestantse Oude- of Pelgrimvaderskerk, Aelbrechtskolk 20)
De dispositie is die als bij de oplevering in 1855.
Verdere lotgevallen:
1937, De Koff, herstelling. Tremulant vernieuwd.
1940, Geconstateerde droogteschade.
1957, De Koff, verwijdering oorspronkelijke windvoorziening, opheffen gescheiden winddrukken.
2001, Steendam, restauratie, herstel van de situatie 1855.
2024, Steendam, schoonmaak.
Bronvermelding:
De Harp , 35/2 (1940), 14; Wim Diepenhorst, De restauratie van het Bätz-Witte-orgel in de Oude Kerk te Delfshaven (Amsterdam 2001).
M.b.t. de voorganger van het hier beschreven orgel:
Dit instrument werd in 1647 door Golfduss gemaakt voor het voormalige stadhouderlijk Huis Honselaarsdijk in Honselersdijk en stond 1757-1854 in de Pelgrimvaderskerk. Daarna stond het in de St.-Antonius van Padua, waar het vermoedelijk in 1874 is vervangen door een nieuw orgel.


I 8.
Rotterdam-Hillesluis, Vredeskerk
(Rotterdam-Hillesluis, voormalige Hervormde Vredeskerk, Lede 121)
De dispositie is die als bij de oplevering in 1933. Van het pedaal zijn de Violon en Zachtgedekt transmissies.
Verdere lotgevallen:
19xx, Wijziging dispositie 2 e klavier en pedaal.
2005, Het kerkgebouw wordt overgenomen door een Servisch-Orthodoxe gemeente.
2010, Orgelbau Oppel (Gellinghausen[D]) demonteert het orgel. In 2024 heeft Oppel materiaal uit dit orgel gebruikt t.b.v. zijn nieuwe orgel in de Sankt Marienkirche in Korbach [D].
Bronvermelding:
De Standaart , 21-07-1933, 4; www.reliwiki.nl (26-01-2021); Theo van den Dool, Rotterdams Valckx en Van Kouteren-orgel naar Duitsland , De Orgelvriend , 52/11 (2010), 26; www.orgelsite.nl (16-10-2025).


I 9.
Rotterdam, Westerkerk
(Rotterdam, voormalige Hervormde Westerkerk, Kruiskade 68)
De dispositie is die als bij oplevering in 1936. Kennelijk was het orgel samengesteld uit componenten uit voorraad. Van Leeuwen gebruikte pijpwerk en een lade uit het orgel van de Singelkerk te Amsterdam (Strümphler 1777) en een lade van Van Oeckelen van onbekende herkomst.
Bronvermelding:
Van Bommel, 83; Herman de Kler, Zeven eeuwen orgels in Den Haag (Alphen aan den Rijn 1987), 155.


I 9.
Rotterdam-Kralingen, Hoflaankerk
(Rotterdam-Kralingen, Protestantse Hoflaankerk, Hoflaan 1)
De dispositie is die als bij oplevering in 1911.
Verdere lotgevallen:
1939, Een plan voor restauratie en dispositiewijziging wordt aangehouden.
1966, Nieuw orgel door Van Vulpen. Het Standaart-orgel is gesloopt.
Bronvermelding:
De Harp , 34/10 (1939), 77; De Banier , 04-10-1939.
M.b.t. de voorganger van het hier beschreven orgel:
Dit Witte-orgel stond 1857-1911 in deze kerk, 1911-1961 in de Noorderkerk te Vlaardingen, 1901-1990 in de Maranathakerk te Vlaardingen en bevindt zich sinds 1990 in de aula van de Holy Begraafplaats te Vlaardingen. Zie ook de beschrijving en de annotatie onder V 36.


I 10.
Rotterdam-Feyenoord, Maranathakerk
(Rotterdam-Feyenoord, Protestantse Maranathakerk, Hillevliet 116)
De dispositie is die als bij aflevering in 1930.
Verdere lotgevallen:
198x, Scheuerman, restauratie.
1996, Van de Heuvel, vervangen door een nieuw orgel, oorspronkelijk vervaardigd voor het
Corcordian Theological College & Seminary in Taipei (Korea), maar daar door
omstandigheden nooit geplaatst.
Bronvermelding:
Kerk & Muziek , jul/aug 2000, 73.


I 10.
Rotterdam, Prinsenkerk (kerkzaal)
(Rotterdam-Blijdorp, Protestantse Prinsekerk, Schepenstraat 67-69)
De dispositie is die als bij aflevering in 1933.
Verdere lotgevallen:
1941, Van Leeuwen, herstel.
1994, Kok, restauratie.
Bronvermelding:
Den Toom, 1192-1193.


I 11.
Rotterdam, Prinsekerk (nevenruimte)
(Rotterdam-Blijdorp, Protestantse Prinsekerk, kapel, Schepenstraat 67-69)
De dispositie is die als bij aflevering in 1933.
Verdere lotgevallen:
2018, De Wit, restauratie.
Bronvermelding:
Arjen Leistra, Het orgel in de Prinsekerk te Rotterdam . De Orgelvriend , 37/1 (1995), 12-15; https://sdewit.nl (27-03-2021).


I 11.
Rotterdam, Oosterkerk
(Rotterdam, voormalige Hervormde Oosterkerk, Hoogstraat 139)
Dit is de dispositie die dit orgel de periode 1877-1933 had. In 1933 werd het instrument - in aangepaste vorm - overgebracht naar de Prinsekerk van Rotterdam-Blijdorp (zie annotatie
I-15). Met zijn opmerking over het 'vorige werk' bedoelt Bouman het vroegere binnenwerk van dit instrument.
Verdere lotgevallen:
Geen.
Bronvermelding:
Den Toom, 1192-1193.


I 12.
Rotterdam-Charlois, Oude kerk
(Rotterdam-Charlois, Protestantse Oude Kerk, Charloisse Kerksingel 35)
De dispositie die Bouman met grote letters schreef, is die over de periode 1868-1952. De correcties op de dispositie hebben te maken met de in 1952 onder zijn advies uitgevoerde restauratie door Leeflang.
Verdere lotgevallen:
1983, Van Vulpen, restauratie en herstel dispositie, vrijwel naar de staat van 1868 en met een
nieuw vrij pedaal.
2021, Reil, onderhoudswerkzaamheden.
Bronvermelding:
Kroniek , De Mixtuur, nr. 42 (1983), 486-487; www.reil.nl (25-11-2021).


I 12.
Rotterdam-Charlois, Nieuwe kerk
(Rotterdam-Charlois, voormalige Hervormde Nieuwe Kerk, Gooilandsingel)
De dispositie is die als bij oplevering in 1931.
Verdere lotgevallen:
1966, De kerk wordt buiten gebruik gesteld. Het lot van het orgel is onbekend.
Bronvermelding:
Opdrachtcahier van de firma A.S.J. Dekker, nr. 233 (feitelijk 245) ; Het Kerkorgel , periodiek van de orgelbouwers A.S.J. Dekker-Goes, nr. 16, 127; www.reliwiki.nl (26-01-2021).


I 13.
Rotterdam, kapel Spangen
(Rotterdam-Delfshaven, voormalige Hervormde Spangense kapel, Betje Wolffstraat)
De dispositie is die over de periode 1924 tot een onbekend moment van wijziging.
Verdere lotgevallen:
1xxx, Cornet-Mixtuur II-IV vervangen door, dan wel gewijzigd in een Cornet III.
1968, De kerk wordt buiten gebruik gesteld. Het lot van het orgel is onbekend.
Bronvermelding:
Het Orgel , 21/6 (1924), 46; J.J. Roelofs, Wat is er met die orgels gebeurd? Of verdwenen en verplaatste orgels , De Orgelvriend , 22/5 (1980), 25; www.reliwiki.nl (26-01-2021).


I 13.
Rotterdam-Kralingen, Maaskerk
(Rotterdam-Kralingseveer, voormalige Hervormde Maaskerk, Schaardijk)
Dit orgel wordt weliswaar in verschillende bronnen genoemd, maar helaas steeds zonder dispositie. Boumans opgave kan daarom niet worden gedateerd.
Verdere lotgevallen:
1963, De laatste dienst vond plaats op 17 november. De kerk werd daarna gebruikt als
pakhuis. Het lot van het orgel is onbekend.
Bronvermelding:
www.reliwiki.nl (27-01-2021).


I 14.
Rotterdam, Westerkerk
(Rotterdam, voormalige Hervormde Westerkerk, Kruiskade 68)
De dispositie is die over de periode 1872-1934. De Cornet is 1-2 sterk.
Verdere lotgevallen:
1934, Van Leeuwen, orgel overgeplaatst naar het bejaardenhuis Emmahuis te Rotterdam. Het
front werd vervangen en de dispositie werd aangepast.
1979, Kaat & Tijhuis, orgel gedemonteerd en opgeslagen in de kelders van het verpleeghuis
De Hofstee te Rotterdam-Ommoord.
1987, Hendriksen & Reitsma, orgel overgeplaatst naar de Hervormde Sionkerk te Apeldoorn-
Zuid. Kast op de zijvleugels na gereconstrueerd en oorspronkelijke dispositie hersteld.
2002, Nijsse, orgel ongewijzigd overgeplaatst naar de Protestantse Wilhelminakerk te
Apeldoorn-Beemte Broekland.
Bronvermelding:
Jan Jongepier, Orgels van Witte gerestaureerd, deel 4 (slot) , Het Orgel , 85/10 (1989), 403-413; www.reliwiki.nl (23-05-2023).


I 14.
Rotterdam-Tuindorp-Heyplaat, Julianakerk
(Rotterdam-Tuindorp-Heyplaat, voormalige Protestantse Julianakerk, Zaandijkstraat 7)
De dispositie is die als bij de oplevering in 1930.
Verdere lotgevallen:
2007, De kerk wordt buiten gebruik gesteld.
20xx, Het binnenwerk wordt verwijderd, lot onbekend.
2017, Op 6 augustus is de kerk uitgebrand. Het front is verloren gegaan.
Bronvermelding:
www.reliwiki.nl (27-01-2021).
I 14-15.
Rotterdam, Mathenesserkerk
(Rotterdam-Delfshaven, voormalige Hervormde Mathenesserkerk, Allard Piersonstraat 40)
De dispositie is die als bij de oplevering in 1932.
Verdere lotgevallen:
1984, Leeflang, orgel overgeplaatst naar de Ned. Geref. Wilhelminakerk te Haarlem. Front
aangepast en alle membranen vernieuwd.
2007, De Wit, revisie, pneumatische tractuur gewijzigd in electro-pneumatisch.
Bronvermelding:
Orgels / Haarlem / Wilhelminakerk (50webs.com) (27-01-2021).
I 15-18.
Rotterdam, Nieuwe Zuiderkerk
(Rotterdam, voormalige Gereformeerde Nieuwe Zuiderkerk, Westzeedijk 7)
De dispositie is die als bij de oplevering in 1916.
Bij oplevering was de tractuur voor 90% pneumatisch en voor 10% electro-pneumatisch.
Verdere lotgevallen:
1946, Van Leeuwen. Nieuwe elektrische windvoorziening bestaande uit vier motoren.
1949, Van Leeuwen, herstelling.
1967, Fonteyn & Gaal, restauratie. Pneumatiek voor het overgrote deel gewijzigd in electro-
pneumatiek.
1968, Laatste dienst is op 27 oktober gehouden, daarna wordt de kerk buiten gebruik gesteld.
1969, De Boom & Woudenberg, demontage orgel en opslag in de kerk.
1972, Jos. Vermeulen, overgeplaatst naar de Protestantse Martinikerk te Doesburg,
herstelling.
1976, Jos. Vermeulen i.s.m. Stinkens, egalisatie tongwerken.
1991, Flentrop, herstelling grootste frontpijpen.
1999, Flentrop, herstelling speeltafel.
2000, Flentrop, herstelling.
2003, Flentrop, restauratie.
2011-2016, Flentrop, herstellingen.
Bronvermelding:
Hoes grammofoonplaat Canto di Evangelo LP 104; Bart van Buitenen, 'Het non-plus-ultra-werk der Nieuwe Zuiderkerk' , bijdrage in Willem Jan Cevaal [red.], Orgelreform in Nederland (Zutphen 2003), 113-196; Encyclopedie Supplement, 185-189.
I 18-19.
Rotterdam-Delfshaven, Kerk Tidemanstraat
(Rotterdam-Delfshaven, voormalige Gereformeerde Tidemanstraatkerk, Tidemanstraat)
De dispositie is die uit de periode 1924-1939.
Verdere lotgevallen:
1939, Strunk, orgel uitgebreid.
1973, De kerk wordt buiten gebruik gesteld.
1974, Fonteyn, demontage en opgeslagen op de gaanderijen van de kerk.
1974, Vandalen veroorzaken grote schade aan het opgeslagen materiaal.
Het zgn. staven-klokkenspel werd hergebruikt in het orgel van de Rotterdamse
Duyststraatkerk.
Bronvermelding:
Uit de pers geknipt, De Orgelvriend , 16/7-8 (1974), 20; www.reliwiki.nl (27-01-2021); Reacties van lezers , De Orgelvriend , 21/11 (1979), 12.


I 20.
Rotterdam, Nieuwe Oosterkerk
(Rotterdam, voormalige Gereformeerde Nieuwe Oosterkerk, Boezemweg 166)
De dispositie is die als bij aflevering in 1952. Het instrument heeft VEKA-laden met elektrische tractuur.
Verdere lotgevallen:
1981, Het kerkgebouw wordt verkocht aan de Pinstergemeente. Het orgel is nog aanwezig.
Bronvermelding:
Organist &Eredienst , 18/198 (1952), 1079; www.reliwiki.nl (27-01-2021).
I 21-22.
Rotterdam, Kerk Tidemanstraat
(Rotterdam-Delfshaven, voormalige Gereformeerde Tidemanstraatkerk, Tidemanstraat)
Dit is de dispositie van na de verbouwing van 1939.
Verdere lotgevallen :
Zie annotatie cahier I 18-19.


I 22.
Rotterdam, Bergsingelkerk
(Rotterdam, Protestantse Bergsingelkerk, Bergsingel 150)
De dispositie is die van na de verbouwing in 1940.
Verdere lotgevallen;
1988, Het orgel is gesloopt en vervangen door een instrument van elders.
Bronvermelding:
De Harp , 35/12 (1940), 93. www.rotterdamorgelstad.nl (27-01-2021).


I 23.
Rotterdam, Statensingelkerk
(Rotterdam, voormalige Gereformeerde Statensingelkerk, Statensingel)
De dispositie is vermoedelijk die als bij oplevering in 1936. De huidige dispositie wijkt af van Boumans opgave. Wanneer het orgel is gewijzigd, is niet bekend.
Verdere lotgevallen:
1986, De kerk wordt geslotenen twee jaar later gesloopt.
1988, Pels & van Leeuwen, plaatsing van het orgel in de Bergsingelkerk, nieuw front.
2015, Pels & van Leeuwen, revisie tongwerken.
Bronvermelding:
www.reliwiki.nl (27-01-2021); www.rotterdamorgelstad.nl (27-01-2021); https://pelsenvanleeuwen.nl (06-07-2015).
Inlegvel
Op twee inlegvellen staat informatie over de orgels van
- de Nieuwe Oosterkerk te Rotterdam (zie de annotatie onder I 23) en
- de Schotse kerk (zie de annotatie onder I 51).


I 23.
Rotterdam, Nieuwe Oosterkerk
(Rotterdam, voormalige Gereformeerde Nieuwe Oosterkerk, Goudseweg 19)
De dispositie is die van de periode 1934-1940.
Bronvermelding:
Van Bommel, 116.


I 24.
Rotterdam-Katendrecht, kerk Breeplein
(Rotterdam-Feyenoord, Protestantse Breepleinkerk, Van Malsenstraat 104)
De dispositie is mogelijk die van de periode 1931-1965.
Verdere lotgevallen:
1965, Fonteyn & Gaal, orgel verbouwd en voorzien van een nieuw front.
1989, Scheuerman, herstel.
2009, Met elektronische componenten vergroot tot 57 stemmen over 3 klavieren en pedaal.
2015, Nijsse, onderhoudswerkzaamheden.
Bronvermelding:
Organist & Eredienst , 1989, nr, 9, 224; www.martinmans.nl (27-01-2011); www.renenijsse.nl (04-11-2015).


I 24.
Rotterdam, Nieuwe Westerkerk
(Rotterdam, voormalige Gereformeerde Nieuwe Westerkerk, Ammanstraat 21)
De dispositie is die over de periode 1915-1940.
Bronvermelding:
Van Bommel, 103-104.


I 25.
Rotterdam, Bergsingelkerk
(Rotterdam, Protestantse Bergsingelkerk, Bergsingel 150)
De dispositie is mogelijk die over de periode 1925-1940.
Verdere lotgevallen : zie annotatie cahier I 22.
M.b.t. de voorganger van het hier beschreven orgel:
Het vorige orgel was in 1783 gemaakt door Bätz. Het stond achtereenvolgens 1783-1882 in de Lutherse kerk te Haarlem, 1882-1xxx in de Chr. Geref. kerk aan de Coolsingel te Rotterdam, 1xxx-1915 in de Chr. Geref. kerk aan de Goudschesingel te Rotterdam, 1915-1926 in de Bergsingelkerk te Rotterdam en 1926-1971 in de Hervormde Evangelisatie te Numansdorp. In 1971 werd het met het vuilnis meegegeven.


I 25.
Rotterdam-Kralingen, Jeruzalemkerk
(Rotterdam-Kralingen, Chr. Geref. Jeruzalemkerk, Jeruzalemstraat 95)
De dispositie is die over de periode 1936-1955. De Trombone 8' van het Pedaal was gereserveerd.
Verdere lotgevallen:
1955, Valckx & van Kouteren, het neo-renaissance front vervangen door een front met open
opstelling, dispositie aangepast, elektro-pneumatische tractuur aangebracht met
behoud van de sleepladen.
2023, Van den Heuvel, restauratie windladen, elektro-pneumatische apparaten vervangen
door elektrische tractuur. Revisie speeltafel. De generaal crescendo-trede is vervallen.
Bronvermelding:
Het Orgel, 8/2 (1910), 16; De Harp, 31/12 (1936), 92 ; Organist & Eredienst , 21/231 (1955), 1475-1476; https://vandenheuvel-ogelbouw.nl (14-10-2023).


I 26.
Rotterdam-Delfshaven, Kerk Duyststraat
(Rotterdam-Delfshaven, voormalige Gereformeerde Duyststraatkerk, Duyststraat 26.
De dispositie is die over de periode 1905-1957.
Verdere lotgevallen:
1957, Pels, vergroting (51/III/P), nieuw front.
1987, De kerk wordt buiten gebruik gesteld.
1987, Pels & van Leeuwen, het orgel gedemonteerd en opgeslagen. Vrijgekomen
componenten zijn elders hergebruikt. De speeltafel van Pels is gebruikt ten behoeve
van de wijziging van het orgel van de Goede Herderkerk te Bedum. Het Bakker & Timmenga-pijpwerk is 2005 hergebruikt ten behoeve van een nieuw binnenwerk voor
het orgel van de Wilhelminakerk te Dordrecht.
Bronvermelding:
Arie Reijmerink, Wat is er met die orgels gebeurd? Of verdwenen, verplaatste en/of omgebouwde orgels, De Orgelvriend , 22/6 (1980), 4-5; Brouwer e.a. I-15; Peter Dillingh, Het orgel in de Wilhelminakerk te Dordrecht , De Orgelvriend , 49/9 (2007), 7-12.


I 26.
Rotterdam, Nieuwe Noorderkerk
(Rotterdam, voormalige Gereformeerde Nieuwe Noorderkerk, Snellemanstraat 45)
De dispositie is die over de periode 1934-1968.
Verdere lotgevallen:
1966, De Nieuwe Noorderkerk wordt gesloten.
1968, Slooff, orgel overgeplaatst naar de Salvatorkerk in Bodegraven. Nieuwe kast,
dispositiewijziging.
1995, Verschueren, restauratie, nieuwe kast in historiserende stijl.
2010, Verschueren, nieuwe Fagot 16', de bestaande ingenomen ten behoeve van de
reconstructie van het Witte-orgel in de Catharinakerk te Asperen.
Bronvermelding:
Wim van der Ros, Een herboren Kam - van den Haspel orgel in Bodegraven , De Orgelvriend , 38/2 (1996), 10-12.


I 27.
Rotterdam, Kerk Carnissesingel
(Rotterdam, Kerk van de Nazarener, Carnissesingel 240)
De dispositie is die als bij oplevering in 1931.
Bronvermelding:
De Harp , 26/12 (1931), 92.


I 27.
Rotterdam-Charlois, Kerk aan de Boergoense Vliet
(Rotterdam-Charlois, voormalige Gereformeerde Bethelkerk, Boergoensevliet 24)
De dispositie is die als bij oplevering in 1922.
Verdere lotgevallen:
1965, Verschueren, nieuw instrument waarin enig pijpwerk uit het Link-orgel is opgenomen.
Bronvermelding:
Aart de Kort, 100 jaar verdwenen orgels : Het orgel van de Gereformeerde Kerk te Rotterdam-Charlois , Het Orgel , 100/4 (2004), 50-51.


I 28.
Rotterdam-Katendrecht, Putsepleinkerk
(Rotterdam-Katendrecht, voormalige Gereformeerde Putsepleinkerk, Putseplein 28)
De dispositie is identiek aan die in het 'Opdrachtcahier van de fa. A.S.J. Dekker', alleen wordt daarin in plaats van de Cornet-Mixtuur 3 sterk een Cornet 3 sterk genoemd. De mogelijkheid bestaat dat de dispositie tussen opdracht en oplevering aangepast is. Het orgel werd geplaatst in de kas van het vorige instrument.
Verdere lotgevallen:
1952, Valckx & van Kouteren, nieuw orgel. Het Dekker-orgel is verwerkt in een instrument
ten behoeve van de Pniëlkerk te Amsterdam-West.
Bronvermelding:
De Standaard , 28-11-1921, 2 e blad; Programma ingebruikneming Valckx & van Kouteren-orgel op 30-07-1952; Aantekening Teus den Toom op een kopie van Boumans beschrijving VIIIa 138.


I 28.
Rotterdam, Nieuwe Noorderkerk
(Rotterdam, voormalige Gereformeerde Nieuwe Noorderkerk, Snellemanstraat 45)
De dispositie is die over de periode 1923-1934.
Verdere lotgevallen:
Zie de annotatie onder I 26.
Bronvermelding:
Wim van der Ros, Een herboren Kam - van den Haspel orgel in Bodegraven , De Orgelvriend , 38/2 (1996), 10-12.


I 29.
Rotterdam-Delfshaven, Kerk Bospolderplein
(Rotterdam-Delfshaven, voormalige Gereformeerde Bospolderkerk, Bospolderplein 14)
De dispositie is die als bij oplevering in 1916.
Verdere lotgevallen:
1954, Pels, wijziging (opus 352).
1966, De kerk wordt buiten gebruik gesteld. Het orgel is door Fonteyn overgeplaatst naar de
kapel van het Eudokia-ziekenhuis in Rotterdam-Hillegersberg.
1990, De kapel Eudokia-ziekenhuis is samen met het orgel gesloopt. De organist stelde als
aandenken enkele pijpen veilig.
Bronvermelding:
Jan van Bommel Jzn., Verdwenen en bestaande orgels in Rotterdam (14) . Het Orgelblad , 9/10 (1966), 137-142; standaart-orgels.nl (01-03-2021); C. Zijlmans, Restant van Eudokia-orgel op nippertje gered. Het Vrije Volk , 21-12-1990, 4; www.reliwiki.nl (28-01-2021).


I 29.
Rotterdam-Feyenoord, Kerk Prins Hendriklaan
(Rotterdam-Feyenoord, voormalige Gereformeerde Laankerk, Pr. Hendriklaan 22)
De dispositie is die als bij oplevering in 1911.
Verdere lotgevallen:
1984, De kerk wordt buiten gebruik gesteld. Het lot van het orgel is onbekend.
Bronvermelding:
Rotterdamsch Nieuwsblad , 27-06-1911; www.reliwiki.nl (28-01-2021).


I 30.
Rotterdam-Katendrecht, Kerk Sandelingeplein
(Rotterdam-Katendrecht, voormalige Gereformeerde Sandelingpleinkerk, Strevelsweg)
De dispositie is die als bij oplevering in 1923.
Verdere lotgevallen:
19xx, Front gemoderniseerd.
1968, Dekerk wordt buiten gebruik gesteld. Orgel gesloopt, enig pijpwerk hergebruikt in het
orgel van de Breepleinkerk te Rotterdam.
Bronvermelding:
www.standaart-orgels.nl (16-11-2018); www.reliwiki.nl (28-01-2021).


I 30.
Rotterdam-Katendrecht, Kerk Polderstraat
(Rotterdam-Katendrecht, voormalige Gereformeerde Polderstraatkerk, Polderstraat 10)
De dispositie is identiek aan die in het 'Opdrachtcahier van de fa. A.S.J. Dekker'. Het door Dekker toegekende opusnummer was 168 (maar in werkelijkheid was het nr. 180).
De werkzaamheden uit 1932 hebben kennelijk uitsluitend betrekking gehad op het technische deel, de dispositie is ongewijzigd gebleven.
Verdere lotgevallen:
1942, Kerk buiten gebruik gesteld als gevolg van funderingsproblemen. De herbestemming
van het orgel is archivalisch niet aantoonbaar, maar in hetzelfde jaar werd vanuit Rotterdam een gebruikt Dekker-orgel met dezelfde dispositie en hetzelfde front geplaatst in de Geref. kerk van Zwartemeer [Dr].
2003. Het orgel wordt in verband met de technische staat buiten gebruik gesteld en is werkloos achter gebleven.
2023, De kerk in Zwartemeer wordt afgestoten. Het lot van het Dekker-orgel is onbekend.
Bronvermelding:
https://gereformeerdekerken.info/2022/05/13/de-ger-kerk-te-rotterdam-zuid-katendrecht-2/
(22-02-2023); www.orgelsindrenthe.nl (08-08-2023); www.reliwiki.nl (07-08-2023).


I 31.
Rotterdam-Kralingen, Kerk Avenue Concordia
(Rotterdam-Kralingen, Evangelische Broedergemeente, Avenue Concordia 111)
De dispositie is die als bij de oplevering in 1896.
Verdere lotgevallen:
1952, Valckx & van Kouteren, restauratie, plaatsing boven de preekstoel, nieuw front,
Nevenwerk van een zwelkast voorzien.
1989, Van der Veer, restauratie.
Bronvermelding:
Kroniek , De Mixtuur, nr. 68 (1991), 448-449.


I 31.
Rotterdam-Kralingen, Kerkzaal Pro Rege
(Rotterdam-Kralingen, voormalige Gereformeerde kerk Pro Rege, Oudedijk 113)
De dispositie is die als bij de oplevering in 1930.
Verdere lotgevallen:
1984, Fama & Raadgever, nieuw orgel. Enig pijpwerk uit het Valckx & van Kouteren-orgel
werd hergebruikt in het nieuwe orgel en in dat van de Eben-Haëzerkerk te Rotterdam-
Pernis.
Bronvermelding:
Het Orgel , 28/1 (1930), 7 ; n.n., Orgel Gereformeerde Kerk Pernis gerestaureerd en uitgebreid door Gerard Mulder , De Orgelvriend , 32/11 (1990), 32-34; www.reliwiki.nl (29-01-2021)


I 31.
Rotterdam, Nieuwe Oosterkerk
(Rotterdam, voormalige Gereformeerde Nieuwe Oosterkerk, Goudseweg 19)
De dispositie is die over de periode 1905-1954.
Verdere lotgevallen te Vledder:
1954, Reil, orgel binnen het gebouw verplaatst en gewijzigd.
1976, Binnenwerk wordt verwijderd en opgeslagen. Het pijpwerk gaat deels verloren.
1984, Achter het Van der Molen-front wordt een bestaand Standaart-orgel geplaatst.
1999, BAG, nieuw orgel. Het Van der Molen-front wordt opgeslagen.
2012, De Kruif, het Van der Molen-front hergebruikt ten behoeve van het orgel van de
Hersteld Hervormde kerk te Elst[U].
Bronvermelding:
Wim van der Ros, Dorpskerk Vledder verrijkt met nieuw orgel , De Orgelvriend , 41/6 (1999), 6-8.


I 32.
Rotterdam, kerk Hoveniersstraat
(Rotterdam, voormalige Christelijke Gereformeerde Hoveniersstraatkerk, Hoveniersstraat 32)
De dispositie is als bij de oplevering in 1876. Het opusnummer van Walcker was 313.
Bronvermelding:
Walcker , Opus-Buch 8 , 130-133.


I 32.
Rotterdam-Delfshaven, Kapel Mathenesserweg
(Rotterdam-Delfshaven, voormalige Gereformeerde Mathenesserkapel, Mathenesserweg 189)
Volgens Van Bommel was de Mixtuur 3 sterk
Bronvermelding:
Van Bommel, 172.


I 32.
Rotterdam-Tuindorp-Heyplaat, Kerk Alcorstraat
(Rotterdam-Tuindorp-Heyplaat, voormalige Gereformeerde Elimkerk, Alcorstraat 12)
Dit orgel wordt weliswaar in verschillende bronnen genoemd, maar helaas steeds zonder dispositie. Boumans opgave kan daarom niet worden gedateerd.
Verdere lotgevallen:
1994, De kerk wordt buiten gebruik gesteld en ingericht als zalencentrum.
1999. De kerk wordt getransformeerd tot woonhuis. Het orgel is nog aanwezig.
Bronvermelding:
https://rotterdamwoont.nl/projecten/elimkerk-heijplaat/ (24-12-2024).


I 33.
Rotterdam, H. Antonius
(Rotterdam, voormalige Rooms-Katholieke H. Antonius van Paduakerk, Bosje 8)
De dispositie is die als bij de oplevering in 1898.
Bronvermelding:
Rotterdamsch Nieuwsblad , 05-12-1898.


I 33.
Rotterdam, O.L.Vrouwe
(Rotterdam, voormalige Rooms-Katholieke H.H. Ignatius- en Laurentiuskathedraal, Westzeedijk 90)
Het orgel stond op het moment de Bouman de dispositie noteerde, in de St.-Ignatiuskerk. Het had tot 1904 in de O.L.V. Onbevlekt Ontvangen-kerk aan de Wijnhaven gestaan.
Op het pedaal meldt Bouman een Trombone 16', volgens Van der Harst is dat een 8'.
De vermelde dispositie is die tot 1939. Boumans correcties hebben betrekking op de wijzigingen in dat jaar.
Verdere lotgevallen:
1956, Valckx & van Kouteren, wijziging in neo-barokke trant.
1967, De intussen tot kathedraal verheven kerk wordt buiten gebruik gesteld.
1968, Door bemiddeling van Marius Monnikendam voor circa f 58.000 verkocht aan de rk
St.-Augustinuskerk te Lutterade-Krawinkel, door fa. Stevens (Duffel[B]), ongewijzigd
herplaatst.
1992, Verschueren, restauratie. De situatie van 1863 voor zoveel mogelijk hersteld.
Bronvermelding:
Hans van der Harst , Het Loret/Maarschalkerweerd-orgel in de Sint Augustinuskerk te Geleen-Lutterade, Het Orgel , 90/4 (1994), 143-152; Kroniek , De Mixtuur, nr. 79 (1995), 989-993; Limburgsch Dagblad , 09-12-1967; Laus, 531.
Inlegvel
Op de inlegvellen staat een oude dispositie van het voormalige orgel van de H.H. Ignatius- en Laurentiuskathedraal.


I 34.
Rotterdam, H. Elisabeth
(Rotterdam, Rooms-Katholieke St.-Laurentius- en Elisabethkathedraal, Mathenesserlaan 305)
Bouman meldt eerst de dispositie zoals die was 1923-1941. Zijn correctie en aanvulling hebben betrekking op de wijziging in 1941.
Verdere lotgevallen:
1998, Adema, restauratie en uitbreiding met een 3 e klavier.
2014, Adema, de hoofdbalg wordt vernieuwd.
2021, Adema, nieuwe speeltafel aangebracht.
2021, Het ogel loopt schade op als gevolg van een lekkage.
2024, Adema, herstelling, wijziging.
Bronvermelding:
Het Orgel , 120/4 (2024), 41.


I 35.
Rotterdam, H. Dominicus
(Rotterdam, voormalige Rooms-Katholieke Dominicus- of Steigerkerk, Hoogstraat/Steiger)
De door Bouman vermelde dispositie heeft betrekking op de situatie 1926-1940.
Bronvermelding:
Aantekeningen bij DISPOSITIEN der merkwaardigste Kerkorgelen in de Provintien VRIESCHLAND GRONINGEN en elders zijnde een vervolg op het Werk van J. Hess door N.A. Knock, vervolgd en bijgewerkt door GEORGE HENDRIKUS BROEKHUYZEN Senior en JAN ZWART (Kampen 1973), 46-48; Van Bommel, 66-67; De Maasbode , 19-09-1927, 1 e blad.
M.b.t. de voorganger van het hier beschreven orgel:
Dit noodorgel werd in 1836 door Meere overgeplaatst naar de Maartenskerk van
St.-Maartensdijk, waar het in 1882 werd vervangen door een nieuw instrument.


I 35.
Rotterdam-Kralingen, H. Lambertus
(Rotterdam-Kralingen, Rooms-Katholieke H. Lambertuskerk, Oostzeedijk 3)
De dispositie is die uit de periode 1900-1951.
Verdere lotgevallen:
1951, Jos. Vermeulen, wijziging dispositie.
19xx, Scheuerman, wijziging dispositie.
1982, Gebr. Vermeulen, restauratie en op één register na herstelling van de situatie 1900.
2001, Flentrop, herstelling.
2007, Van Duren, schoonmaak.
2011, Van Duren, deelrestauratie.
2021, Van Duren, groot onderhoud.
Bronvermelding:
Kroniek , De Mixtuur , nr. 41 (1983), 428-429; www.flentrop.nl (24-12-2003); http://kerkorgelonderhoud.nl (13-10-2021).
M.b.t. de voorganger van het hier beschreven orgel:
Dit instrument werd rond 1760 gemaakt door Moreau jr. en is in 1877 verplaatst naar de Protestantse Kerk te Wilnis, waar het zich (met een ander binnenwerk) nog steeds bevindt.


I 36.
Rotterdam, Allerheiligste Verlosser
(Rotterdam-Crooswijk, voormalige Rooms-Katholieke Redemptoristenkerk van de Allerheiligste Verlosser, Goudsche Rijweg 419)
Volgens een opgave van Standaart was de Mixtuur van het 1 e klavier 5 sterk in plaats van 2-5 sterk.
Verdere lotgevallen:
1951, Fonteyn, restauratie.
1978, De kerk wordt buiten gebruik gesteld, laatste dienst was op 29 oktober. In
krantenbericht vlak voor dat moment staat vermeld: 'het orgel is kapot'.
1979, Kerkgebouw door brand zwaar beschadigd. Van het orgel resteerde slechts een
geblakerd skelet van de kast.
Bronvermelding:
Fa. Standaart, Hoe ons werk beoordeeld wordt, deel 2 ; www.standaart-orgels.nl (30-01-2021); Het Vrije Volk , 21-10-1978; www.reliwiki.nl (30-01-2021); e-mail Aart de Kort, 27-04-20
M.b.t. de voorganger van het hier beschreven orgel:
Dit orgel werd in 1891 door Franssen gemaakt. Laurensorganist Hendrik de Vries noemde het 'een mislukking'.


I 36.
Rotterdam, H. Rosalia
(Rotterdam, voormalige Rooms-Katholieke H. Rosaliakerk, Leeuwenstraat 25)
De dispositie is die over de periode 1922-1940.
Verdere lotgevallen:
1935, Het orgel wordt in een lichtere kleur overgeschilderd.
Bronvermelding:
De Maasbode , 13-02-1922, 2; oud.rotterdam010.nl/509-Kerken/02/Kerk-rosaliakerk.html (30-01-2021).



I 37.
Rotterdam, H. Laurentius
(Rotterdam, voormalige Rooms-Katholieke St.-Laurenskerk, Houttuin 42)
Boumans dispositie wijkt fors af van die van Van 't Kruijs en Van Bommel. Er is onvoldoende informatie voorhanden om deze dispositie te dateren.
Verdere lotgevallen:
1906, Maaschalkerweerd, schoonmaak.
Bronvermelding:
Laus 533.


I 37.
Rotterdam, O.L.Vrouwe Rozenkrans
(Rotterdam, voormalige Rooms-Katholieke O.L.V. Rozenkranskerk, Provenierssingel 57)
De dispositie is die als bij oplevering in 1916.
Verdere lotgevallen:
1973, De kerk wordt buiten gebruik gesteld.
1975, De kerk wordt gesloopt. Het orgel is voor de sloop verkocht. Materiaal hieruit is
gebruikt voor twee andere orgels, die van de Baptistenkerk in Rotterdam-Z (1975) en
de Baptistengemeente in Leeuwarden (1977).
Bronvermelding:
Sint Gregorius-blad , 42/1 (1917), 3-4; www.orgbase.nl (29-04-2021); http://www.rotterdam010.nl/Geschiedenis-01/Provenierssingel-kerk.html (27-07-2009).


I 38.
Rotterdam-Katendrecht, H. Franciscus
(Rotterdam-Katendrecht, voormalige Rooms-Katholieke H. Franciscus van Assisi, Paul Krugerstraat 30)
Het orgel werd in 1928 opgeleverd. De dispositie is die als bij oplevering.
Verdere lotgevallen:
1975, De kerk wordt gesloten en gesloopt. Het orgel is aanvankelijk te koop gezet, maar is
eveneens gesloopt. Enkele registers uit dit orgel zijn via een handelaar in gebruikt
pijpwerk aangekocht en hergebruikt ten behoeve van het Steendam-orgel van Stedje
Kyrkje (Noorwegen).
Bronvermelding:
De Tijd , 19-11-1928; De Maasbode , 19-11-1929; Advertentie in Het Orgel , 71/2 (1975), 70; Jaap Brouwer, Een 'nieuw' Steendam-orgel in Noorwegen , De Orgelvriend , 62/7 (2020), 16-21.


I 38.
Rotterdam, H. Hildegardis
(Rotterdam, Rooms-Katholieke H.H. Hildegardis- en Antoniuskerk, Hildegardisstraat 50)
Dit instrument is het laatste door Maarschalkerweerd gebouwde mechanische orgel.
De dispositie is die over de periode 1913-1938.
Verdere lotgevallen :
1938, Valckx & van Kouteren, geëlektrificeerd en dispositie aangepast.
1960, Pels, wijziging.
1991, Tiggelman, restauratie.
Bronvermelding:
www.orgbase.nl (28-04-2021); P. Houdijk, Maarschalkerweerd & Zoon in kerkorgels (versie 04-03-2007), 30; inventarisatie Katholieke orgelbezit, KKOR 2007.


I 38.
Nijmegen, Rooms-Katholieke St.-Dominicus
(Nijmegen, voormalige Rooms-Katholieke St.-Dominicuskerk, Broerstraat)
Het is onduidelijk met welke reden Bouman deze dispositie later aan het Rotterdamse cahier heeft ingevoegd. Dit orgel is in Nijmegen gebleven, op 22 februari 1944 door bombardement zwaar beschadigd en daarna gedemonteerd. Het is onbekend wat er met het opgeslagen materiaal is gebeurd. De dispositie is die als bij de oplevering in 1888.
Bronvermelding:
www.orgbase.nl (03-08-2024).


I 39.
Rotterdam, H. Joseph
(Rotterdam, voormalige Rooms-Katholieke St.-Josephkerk, West Kruiskade 54)
De dispositie is die over de periode 1934-1974. In 1934 werden 7 nieuwe registers toegevoegd.
Verdere lotgevallen:
1968, De kerk wordt buiten gebruik gesteld en is in 1974 gesloopt. Het orgel is vermoedelijk
met de kerk te onder gegaan.
Bronvermelding:
Het Gregorius-blad , 1935-02, 50; Laus, 73; www.reliwiki.nl (30-01-2021); Bart van Buitenen, 'The Whole Thing, Case Pipes and Everything' , Het Orgel , 112/2 (2016), 36-47.


I 39.
Rotterdam, H. Hart
(Rotterdam, voormalige Rooms-Katholieke Allerheiligst Hart van Jezuskerk, Van Oldebarneveltstraat 115)
De dispositie is die over de periode van de restauratie door Van der Kleij tot mei 1940.
Bronvermelding:
Laus, 506.


I 40.
Rotterdam, Weeshuiskapel
(Rotterdam, Kapel voormalige Rooms-Katholieke Weeshuis H.H. Simeon en Anna, West-Kruiskade 12)
De dispositie is die als bij de oplevering in 1928.
Verdere lotgevallen:
1986, Het weeshuiscomplex gesloopt en vervangen door nieuwbouw. Het lot van het orgel is
onbekend.
Bronvermelding:
De Maasbode , 19-05-1928, 2 e blad, 2; www.reliwiki.nl (31-01-2021)
M.b.t. de voorganger van het hier beschreven orgel:
Dit instrument (Maarschalkerweerd 1887) stond 1887-1902 in het Meisjesweeshuis te Rotterdam, 1902-1928 in het r.k. Weeshuis te Rotterdam, 1928-1930 in de H. Theresia van het Kindje Jezus in Rotterdam-Katendrecht en sinds 1930 in de St.-Willibrorduskerk te Rhoon


I 40.
Rotterdam, H. Willebrordus
(Rotterdam, Poolse Rooms-Katholieke Kerk O.L.V. Sterre der Zee, Breukelsdijk 177)
De dispositie lijkt die als bij de oplevering in 1929. In een krantenbericht ter gelegenheid van de ingebruikneming wordt het tongwerk op het 2 e klavier echter niet genoemd. Mogelijk was op dat moment gereserveerd?
Verdere lotgevallen:
Geen.
Bronvermelding:
Nieuwe Rotterdamsche Courant , 08-07-1929.


I 41.
Rotterdam, Alb. Magnus
(Rotterdam-Blijdorp, Rooms-Katholieke Albertus de Grotekerk, Nicolaas Ruyschstraat 1)
Lotgevallen:
1943, Pels, nieuw orgel, opus 173.
xxxx, Orgel gewijzigd.
Bronvermelding:
www.orgbase.nl (24-09-2024).


I 41.
Rotterdam-Delfshaven, H. Petrus
(Rotterdam-Delfshaven, voormalige Rooms-Katholieke H. Petrus- of Schipperskerk, Schoonderloostraat 151)
Het orgel werd door Pels onder opusnummer 58 gebouwd. De dispositie is die als bij aflevering.
Verdere lotgevallen:
1974, De kerk is gesloten en een jaar later gesloopt. Het lot van het orgel is onbekend.
Bronvermelding:
https://pelsenvanleeuwen.nl (31-01-2021); www.reliwiki.nl (31-01-2021).


I 41.
Rotterdam, St.Catharinagesticht
(Rotterdam, voormalig Klooster St.-Catharina Walenburg, Walenburg 31-33)
Het bouw jaar van dit orgel is 1901. De dispositie is die als bij oplevering.
Verdere lotgevallen:
1931?, Verplaatst naar het St.-Luciaklooster te Rotterdam (In 1931 werd het toenmalige
Adema-salonorgel uit het St.-Luciaklooster aan Bouman verkocht).
1940, Het orgel loopt oorlogsschade op.
1951, Jos. Vermeulen, nieuw orgel. Het lot van het Maarschalkerweerd-orgel is onbekend.
Bronvermelding:
De Maasbode , 15-01-1901; e-mail Aart de Kort, 27-04-2021.


I 41.
Rotterdam-Katendrecht, H. Theresia
(Rotterdam-Katendrecht, voormalige Rooms-Katholieke H. Theresia van het Kindje Jezus, Strevelsweg 293)
Van Bommel geeft in plaats van de Voix Céleste 8' en de Flûte Octaviante 4' op het 2 e klavier een Octaaf 4' en een Quint 2 2/3'. Mogelijk is de dispositie die Bouman vermeldt de situatie tot 1933.
Lotgevallen:
1929, Valckx & van Kouteren, demontage orgel H. Ignatiuskerk en tijdelijke opslag.
1933, Valckx & van Kouteren, herplaatsing van dit orgel in de H. Theresia van het Kindje
Jezus.
1957, Valckx & van Kouteren, restauratie en dispositiewijziging.
1972, De kerk en het orgel worden gesloopt. Enig pijpwerk is hergebruikt ten behoeve van de
voltooiing van het orgel van de H. Familie in Rotterdam.
Bronvermelding:
Van Bommel, 98-100; www.reliwiki.nl (30-01-2021); e-mail Aart de Kort, 27-04-2021.
M.b.t. de voorganger van het hier beschreven orgel:
Over dit instrument zijn mij geen gegevens bekend.


I 42.
Rotterdam-Delfshaven, H. Antonius Abt
(Rotterdam-Delfshaven, voormalige Rooms-Katholieke H. Antonius Abt, Jan Kruijffstraat 14)
De dispositie wijkt fors af van de opgaven in de dispositieverzamelingen van Broekhuyzen en Brom. Wanneer er wijzigingen zijn doorgevoerd, is mij niet bekend. Ik kan deze dispositie dan ook niet dateren.
Verdere lotgevallen:
1951, Fonteyn & Gaal, overplaatsing naar de Geref. Noodkerk te Hilversum.
1956, Het gebouw wordt buiten gebruik gesteld. In de nieuw gebouwde Westerkerk wordt een
nieuw orgel geplaatst. Het lot van het Kam & Van der Meulen-orgel is onbekend.
Bronvermelding:
Organist & Eredienst, mrt. 1951, 872.
M.b.t. de voorganger van het hier beschreven orgel:
Dit instrument werd in 1647 door Golfduss gemaakt voor het voormalige stadhouderlijk Huis Honselaarsdijk in Honselersdijk en stond 1757-1854 in de Pelgrimvaderskerk te Rotterdam-Delfshaven. Daarna stond het in de St. Antonius Abt aldaar en is vermoedelijk in 1874 vervangen door een nieuw orgel.


I 42.
Rotterdam-Feyenoord, H. Martelaren van Gorcum
(Rotterdam-Feyenoord, voormalige Rooms-Katholieke kerk H.H. Martelaren van Gorcum, Stieltjesplein 17)
Dit orgel wordt weliswaar in verschillende bronnen genoemd, maar helaas steeds zonder dispositie. Boumans opgave kan daarom niet worden gedateerd.
Lotgevallen:
1891, Adema, nieuw orgel, 11 stemmen over 2 klavieren en aangehangen Pedaal.
1895, Adema, 2 gereserveerde tongwerken geplaatst.
1xxx, Het orgel wordt aanmerkelijk vergroot.
1950, Pels, nieuw orgel (opus 225) met gebruikmaking van pijpwerk uit het hier beschreven
instrument.
Bronvermelding:
Het Orgel, 6/7 (1891), z.p.; www.adema-kerkorgelbouw.nl (18-04-2021); Bart van Buitenen, 'The whole thing, case pipes and everything. Het orgel als inspiratiebron voor de negentiende eeuw, Het Orgel , 111/1 (2015), 18-27; https://pelsenvanleeuwen.nl (25-02-2021).


I 42.
Rotterdam, H. Antoniusgasthuis
(Rotterdam, voormalige kapel Rooms-Katholieke Verpleeghuis St.-Antonius, Nieuwe Binnenweg 33)
De dispositie is die als bij de oplevering in 1908.
Verdere lotgevallen:
1982, De kapel wordt gesloopt.
19xx, De orgelkast wordt aangekocht ten behoeve van een voor de r.k. H. Jacobus de
Meerdere te 's-Gravenhage te bouwen koororgel. Dit project is intussen gestrand. Het
binnenwerk was op een eerder moment verloren gegaan.
Bronvermelding:
www.reliwiki.nl (31-01-2021); www.kkor.nl (30-05-2011); De Orgelvriend , 65/6 (2023), 12; Laus, 535.


I 43.
Rotterdam-Feyenoord, O.L.Vrouwe van Lourdes
(Rotterdam-Feyenoord, voormalige Rooms-Katholieke O.L.V. van Lourdes, Prins Hendriklaan 29)
Met betrekking tot de dispositie van dit orgel heb ik geen ander bronmateriaal gevonden.
Verdere lotgevallen:
1922, Giessen, herstelling.
1932, Herstelling.
Bronvermelding:
Van Bommel, 143-144.


I 43.
Rotterdam-Charlois, H. Aartsengel Michael
(Rotterdam-Charlois, Rooms-Katholieke St.-Michaël & Clemenskerk, Dorpsweg 82)
Wijkeroog is een oude benaming van Velsen-Noord. De aangegeven kerk is de rk. St.-Josephkerk.
Met betrekking tot de dispositie van dit orgel heb ik geen ander bronmateriaal gevonden.
Lotgevallen:
1918, In Velsen-Noord wordt een 'zo goed als nieuw orgel' aangeschaft. Bij de kwalificatie
'zo goed als nieuw' moet een vraagteken geplaatst worden, Bouman dateerde dit orgel
op eind 18 e eeuw.
1928, Pels, nieuw orgel in Velsen; het oude ingenomen en in Rotterdam geplaatst.
19xx, Pneumatisch vrij pedaal toegevoegd.
1958, Fonteyn & Gaal, nieuw orgel omdat het oude in verband met de vergroting van het
kerkgebouw veel te klein werd gevonden.
1960, Valckx & van Kouteren, oude orgel herplaatst in Handel, kapel klooster Capucijnen,
dispositiewijziging.
1985, Gebr. Vermeulen, orgel overgeplaatst naar Velp [NBr ] , kapel klooster Capucijnen.
2005, Van Duren, restauratie en verplaatsing.
Bronvermelding:
A.J. Sommer, Van toen naar nu. 80 jaar St. Jozef Parochie Velsen-noord (Velsen-Noord 1985), 40 en 51; De Tijd , 08-07-1958; Encyclopedie II, 288; http://kerkorgelonderhoud.nl (17-03-2021).


I 43.
Rotterdam-Katendrecht, H. Kruisvinding
(Rotterdam-Tuindorp-Vreeswijk, Rooms-Katholieke H. Kruisvinding, Beukenlaan 2)
Met betrekking tot de dispositie van dit orgel heb ik geen ander bronmateriaal gevonden.
Verdere lotgevallen:
1941, Het orgel wordt ervangen door een ander instrument. Het lot van het Walcker-orgel is
onbekend.
Bronvermelding:
Diverse schrijvers, 60 jaar H. Kruisparochie, 1923-1983 (Rotterdam 1983), 10.


I 43.
Rotterdam, H. Barbara
(Rotterdam-Crooswijk, voormalige Rooms-Katholieke St.-Barbarakerk, Crooswijkseweg 38)
De dispositie is die als bij oplevering.
Verdere lotgevallen:
1964, Er wordt een ander orgel geplaatst. Het lot van het hier beschreven orgel is mij
onbekend.
Bronvermelding:
www.orgbase.nl , 28-04-2021; Aart de Kort , Het orgel van de voormalige Magdalenakerk te Amsterdam. Het Orgel , 100/1 (2004), 43.


I 44.
Rotterdam-Delfshaven, hulpkerk H. Antonius Abt
Vermoedelijk gaat het hier om een orgel in een tijdelijke preeklocatie ter overbrugging van de periode tussen de in 1918 gesloten St.-Antonius Abt of Havenstraatkerk en de in 1930 nieuw opgeleverde St.-Antonius Abt aan de Jan Kruijffstraat. Met betrekking tot dit orgel, gezien de dispositie vermoedelijk een oud huispijporgel, heb ik geen ander bronmateriaal gevonden.
Bronvermelding:
www.reliwiki.nl (26-04-2021).


I 44.
Rotterdam-Tuindorp-Heyplaat, H.H. Harten
(Rotterdam-Tuindorp-Heyplaat, voormalige Rooms-Katholieke St.-Bonifatiuskerk,
Alcorplein 13)
In het jubileumboek van de St.-Willibrorduskerk in Rhoon staat (in relatie tot de afbraak van het oude en de bouw van het nieuwe kerkgebouw) over het orgel: 'het orgel, gebouwd door de firma Gradussen uit Winssen (Gdl), werd door hen geheel belangeloos afgebroken en opgeslagen en werd door hen wederom geheel belangeloos weer opgebouwd in het voorjaar van 1897'. Gezien de door Bouman geconstateerde ouderdom ( + 1630) leverde Gradussen vermoedelijk geen nieuw, maar een gebruikt orgel, mogelijk in een nieuwe kast.
Met betrekking tot de dispositie van dit orgel heb ik geen ander bronmateriaal gevonden.
Lotgevallen:
1993, De kerk wordt buiten gebruik gesteld. Het lot van het orgel is onbekend.
Bronvermelding:
Th.H.M. van Eijk S.J., Van statie tot parochie. De geschiedenis van een rooms-katholieke geloofsgemeenschap (Rhoon 1994), 42; www.reliwiki.nl (01-02-2021).


I 44.
Rotterdam, H. Laurentius
(Rotterdam-Blijdorp, voormalige Oud Katholieke H.H. Laurentius en Maria Magdalena, Lange Torenstraat)
De dispositie is die over de periode 1910-1940. Met dien verstande dat de sterkte van de Mixtuur op het 1 e klavier niet in alle bronnen gelijk is. In Caecilia is die 3-4 sterk, bij Van Bommel en Van 't Kruijs is 2-3 sterk, Broekhuyzen en Bouman melden 3-4 sterk.
Verdere lotgevallen:
1910, De Koff, schoonmaak en dispositiewijziging.
1929, De Koff, schoonmaak.
Bronvermelding:
Caecilia, algemeen muzikaal tijdschrift van Nederland , 1859, 194-195.
M.b.t. de voorganger van het hier beschreven orgel:
Geen gegevens over gevonden. Mogelijk doelt Bouman hier op het vroegere
Verhofstad-binnenwerk.


I 45.
Rotterdam, Paradijskerk
(Rotterdam, Oud Katholieke St.-Petrus- en Pauluskerk [Paradijskerk], Nieuwe Binnenweg 25)
De dispositie is die over de periode 1927-1973.
Verdere lotgevallen:
1973, Verschueren, restauratie, reconstructie van de situatie 1858.
Bronvermelding:
Orgelnieuws , uitg. fa. Verschueren (Pinksteren 1973), 7-14.


I 45.
Rotterdam-Delfshaven, Vrije Katholieke gemeente
(Rotterdam-Delfshaven, voormalige Vrije Katholieke Franciscuskerk, Rauwenhoffstraat 54)
De dispositie is gelijk aan de huidige. Lade en pijpwerk zijn ouder dan 1926. In dit gebouw kerkten achtereenvolgens de Vrij Katholieke gemeente en de Gereformeerde Gemeente.
Verdere lotgevallen:
1981, Het orgel wordt aangekocht door de Gereformeerde Gemeente in Nederland te
Dordrecht. Het instrument is in eigen beheer overgeplaatst en voorzien van een
nieuwe kast. Van den Heuvel intoneerde het opnieuw.
Bronvermelding:
www.orgelsite.nl (29-12-2006).


I 45.
Rotterdam, Apostolische Kerk
(Rotterdam-Heyplaat, voormalig gebouw Apostolische Genootschap, Vestaplein 4)
Met betrekking tot de dispositie van dit orgel heb ik geen ander bronmateriaal gevonden.
Verdere lotgevallen:
1963, Op 8 september vond laatste bijeenkomst in dit gebouw plaats. Of het orgel toen nog
aanwezig was, is onbekend.
Bronvermelding:
Mondelinge informatie ter plaatse.


I 45.
Rotterdam, Nieuw Apostolische Kerk
(Rotterdam, voormalig kerkgebouw van de Nieuw Apostolische Kerk, G.v.d.Lindestraat 63)
De dispositie is die als bij oplevering in 1939.
Verdere lotgevallen:
1982, Flentrop, herstelling.
1993, Pels & van Leeuwen, orgel verplaatst naar een nieuw kerkgebouw.
2012, Orgelbouw Alkmaar, herstelling.
2019, Nagel, orgel verplaatst naar een nieuw kerkgebouw.
Bronvermelding:
www.flentrop.nl (14-11-2003); www.orgelbouwalkmaar.nl (19-02-2016); www.orgbase.nl (20-06-2021).


I 46.
Rotterdam, Christelijk-Gereformeerde Kerk
(Rotterdam-C, voormalige Christelijke Gereformeerde Rehobothkerk, Jonker Fransstraat 15)
De dispositie is als bij aflevering in 1909. Voor wat betreft de sterkte van de mixturen bestaat verschil van mening tussen Van Bommel en Bouman. Van Bommel vermeldt een Cornet 3-4 st. en een Mixtuur 4-5 st. (?), bij Bouman zijn deze resp. 4 en 3-4 sterk.
Bronvermelding:
Van Bommel, 122-123.


I 46.
Rotterdam-Delfshaven, Chr.Geref. Kerk
(Rotterdam-Delfshaven, voormalige Chr. Gereformeerde Coloniakerk, Coloniastraat 25)
Met betrekking tot de dispositie van dit orgel heb ik geen ander bronmateriaal gevonden.
Vermoedelijk is hier sprake van een gewijzigd huisorgel.
Verdere lotgevallen:
1934, Van Leeuwen, een nieuw orgel. Het lot van het hier beschreven orgel is onbekend.
Bronvermelding:
www.reliwiki.nl (06-02-2012).


I 46.
Rotterdam-Katendrecht, Chr.Geref. Kerk
(Rotterdam-Katendrecht, voormalige Chr. Gereformeerde kerk, Putselaan 223a)
Met betrekking tot de dispositie van dit orgel heb ik geen ander bronmateriaal gevonden.
Verdere lotgevallen:
1969, De kerk wordt buiten gebruik gesteld. Het lot van het orgel is onbekend.
Bronvermelding:
De Harp , 36/11 (1941), 86; www.reliwiki.nl (29-04-2021); www.orgbase.nl (29-04-2021).


I 47.
Rotterdam-Delfshaven, Chr.Geref. Kerk
(Rotterdam-Delfshaven, voormalige Chr. Gereformeerde Coloniakerk, Coloniastraat 25)
De dispositie is die van de oplevering in 1934 tot een onbekend moment van wijziging.
Verdere lotgevallen:
19xx, Dispositiewijzing Hoofdwerk.
197x, Om technische redenen is de vanuit de kerkzaal niet zichtbare speeltafel verplaatst van
centraal onder het Hoofdwerk naar rechts van het midden.
1998, Ter bescherming tegen stof en vuil wordt een dak boven het orgel aangebracht.
2009, Laatste kerkdienst is op 1 juli gehouden. Het gebouw is overgedaan aan een andere
denominatie. Het orgel is gesloopt.
Bronvermelding:
www.orgbase.nl (31-03-2023); www.reliwiki.nl (01-02-2021).


I 48.
Rotterdam-Katendrecht, Gereformeerde Gemeente
(Rotterdam-Katendrecht, voormalige Gereformeerde Gemeente, Mijnsherenplein 9)
De dispositie is die over de periode 1936-1965.
Verdere lotgevallen:
1965, Verduyn, dispositiewijziging, nieuw front, pneumatische tractuur vervangen door
elektro-pneumatische tractuur.
1978, Fonteyn & Gaal, dispositiewijziging.
1990, Hendriksen &Reitsma, nieuw orgel waarin enig pijpwerk uit het Rohlfing-orgel werd
opgenomen.
Bronvermelding:
ROTTERDAMSCH NIEUWSBLAD, 13-04-1935, 6; www.hjversteeg.nl (05-0-2021); Reclamefolder Verduyn (1965); publicatie VOGG, nov, 1982.


I 48.
Rotterdam, Gereformeerde Gemeente
(Rotterdam-C, voormalige Gereformeerde Gemeente Boezemsingelkerk, Boezemsingel 30)
Het orgel werd geplaatst in een archaïsche kast. De dispositie is identiek aan die in de 'Opdrachtcahiers fa. A.S.J. Dekker'.
Verdere lotgevallen:
19xx, H. Vermeulen, diverse wijzigingen.
1981, Hendriksen & Reitsma, nieuw orgel. Het oude is door een liefhebber meegenomen.
Bronvermelding:
Opdrachtencahier fa. A.S.J. Dekker; A.M. Alblas, Een stukje orgelgeschiedenis van de Gereformeerde Gemeente te Rotterdam-Centrum , Kerk & Muziek , nov./dec. 1981, 14-19.


I 48.
Rotterdam-Delfshaven, Gereformeerde Gemeente
(Rotterdam-Delfshaven, voormalige Gereformeerde Gemeente, Willem van Zuylenstraat 4)
De dispositie is die over de periode 1926-1964.
Verdere lotgevallen:
1956, Het orgel is aangekocht door de Gereformeerde Gemeente te Zoutelande.
1964, Dispositiewijziging.
1971, Nijsse, dispositiewijziging.
1995, De kerkelijke gemeente te Zoutelande wordt opgeheven. Het orgel is geschonken aan
de Baptistengemeente te Hirup [Moldavië].
Bronvermelding:
Publicatie VOGG, nov. 1982; http://orgelsinzeeland.50webs/com (15-01-2008); informatie vanuit de vm. Geref. Gemeente Zoutelande.


I 49.
Rotterdam, Remonstrantse Kerk
(Rotterdam, voormalige Remonstrantse Arminiuskerk, Museumpark 3)
De dispositie is die over de periode 1932-1948.
Verdere lotgevallen:
1948, Leeflang, dispositiewijziging.
1957, Leeflang, dispositiewijziging.
1978, Van den Heuvel, restauratie, wijziging Mixtuursamenstelling.
2016, Pels & van Leeuwen, restauratie. Herstel van de situatie 1898, echter met behoud van
waardevolle componenten van later datum.
Bronvermelding:
Gerco Schaap, Het Steenkuyl-orgel in de Remonstrantse Kerk te Rotterdam , De Orgelvriend, 61/10 (2019), 33-37.
Inlegvel
In dit bericht wordt ingegaan op de in 1932 uitgevoerde werkzaamheden.


I 49.
Rotterdam, Doopsgezinde Kerk
(Rotterdam, voormalige Doopsgezinde kerk, Sint Laurensstraat 49)
De dispositie is die over de periode 1921-1940.
Enig in 1921 terzijde gelegd pijpwerk is gebruikt ten behoeve van het huisorgel van Fred. Timmermans (zie de annotatie onder I 54). Boumans opmerking over het 'vorige werk' slaat in dit geval op het vroegere binnenwerk van dit orgel.
Bronvermelding:
www.orgelbase.nl (29-04-2021).


I 50.
Rotterdam, Lutherse Kerk
(Rotterdam, voormalige Evangelisch Lutherse kerk, hoek Posthoornsteeg/Wolfshoek)
De dispositie is die van na de restauratie van 1938, met dien verstande dat Van Bommel een Mixtuur IV-V vermeldt.
Verdere lotgevallen:
1938, Van der Kley, restauratie.
Bronvermelding:
Van Bommel, 42-44.


I 50.
Rotterdam-Katendrecht, Protestantenbond
(Rotterdam-Katendrecht, voormalige gebouw Nederlandse Protestantenbond 'Het Nieuwe Verbond', Jagerslaan 9)
De dispositie is die als bij de oplevering in 1930.
Verdere lotgevallen:
1969, Het gebouw wordt als Nederlandse Protestantenbond-kerk afgestoten. Het lot van het
orgel is onbekend.
Bronvermelding:
Het Orgel , 27/9 (1930), 68; www.reliwiki.nl (28-04-2021).


I 50.
Rotterdam. Vrijzinnig-Hervormden (Nutszaal)
(Rotterdam, voormalige Nutszaal, Oppert 81)
Bouman noemt twee registers meer dan Van Bommel nl. Bourdon 16' en Voix Celeste 8'.
Eén van deze registers is mogelijk later geplaatst (1932?), want bij oplevering was op de lade één register gereserveerd.
Verdere lotgevallen:
1932, Spiering, uitbreiding met drie stemmen.
Bronvermelding:
Van Bommel, 146-147; De Standaard , 13-04-1932, 6.


I 51.
Rotterdam, Waalsche Kerk
(Rotterdam, Waalse Kerk, Pierre Baylestraat 1)
De dispositie is die over de periode 1924-1988, met dien verstande dat Jongepier op het 2 e klavier een Hobo 8' vermeldt i.p.v. een Clarinet 8'.
Verdere lotgevallen:
1988, Van Vulpen, situatie 1924 geconsolideerd. Het tongwerk op het 2 e klavier werd
vervangen door een Dulciaan 8'.
Bronvermelding:
Jan Jongepier, Orgels van Witte gerestaureerd, deel 3 , Het Orgel , 85/9 (1989), 383-387.
M.b.t. de voorganger van het hier beschreven orgel:
Dit instrument, gebouwd door Cools in 1707, werd in 1865 geplaatst in de Dorpskerk van Numansdorp waar het zich (met een nieuw binnenwerk) nog bevindt.


I 51.
Rotterdam, Schotse Kerk
(Rotterdam, Scots International Church, Schiedamsche Vest 121)
De dispositie is die als bij aflevering in 1952.
Verdere lotgevallen:
1979, Flentrop, schoonmaak.
1993, Flentrop, herstelling.
Bronvermelding:
www.flentrop.nl (24-12-2003).


I 52.
Rotterdam, Duitsche Kerk
(Rotterdam, voormalige Deutsche Evangelische Gemeinde, Zwarte Paardenstraat 97)
De dispositie is gelijk aan die bij aflevering, met dien verstande dat Bouman een Mixtuur III-IV-V meldt en Sevestre een Mixtuur III.
Verdere lotgevallen:
1940, Het kerkgebouw ondervindt schade door het bombardement en raakt de jaren daarna
steeds verder in verval.
1974, Het kerkgebouw wordt afgebroken. Het orgel wordt verkocht aan de Oud
Gereformeerde Gemeente te Krimpen aan den IJssel. Fonteyn & Gaal verzorgde de
demontage, Hoogenes de herplaatsing.
1995, Steendam, demontage van het orgel. Later wordt het verkocht aan een particulier in
Zwanenburg die materiaal hieruit gebruikte voor een huisorgel. Dit huisorgel is
intussen met deze eigenaar verhuisd naar diens nieuwe woning in Berndorf [Lux].
1996, Steendam, nieuw orgel in de kerk van Krimpen aan den IJssel.
Bronvermelding:
Prosper Sevestre, Het orgel van de Hervormde Jacobuskerk te Renesse , Het Orgel , 88/7-8 (1992), 276-285; www.reliwiki.nl (02-02-2021); ir. Dirk Bakker, Een nieuw orgel voor de Oud Gereformeerde Gemeente te Krimpen aan den IJssel (Krimpen aan den IJssel 1996), 4-9.


I 52.
Rotterdam, Duitsche Kerk
(Rotterdam, voormalige Deutsche Evangelische Gemeinde, Zwarte Paardenstraat 97)
De dispositie is die over de periode 1924-1939.
Verdere lotgevallen:
1939, Strunk, plaatsing in de Jacobuskerk te Renesse, dispositiewijziging en aanpassing kast.
1952, Eversdijk, het orgel wordt in Renesse herplaatst op een andere plek in de kerk.
1963, Vierdag, restauratie.
1986, Leeflang, restauratie en dispositiewijziging.
2006, Nijsse, groot onderhoud.
Bronvermelding:
Prosper Sevestre, Het orgel van de Hervormde Jacobuskerk te Renesse , Het Orgel , 88/7-8 (1992), 276-285, www.renenijsse.nl (04-11-2015).


I 53.
Rotterdam, Engelsche (Episcopaalsche) Kerk
(Rotterdam-Delfshaven, St. Mary's Anglican & Episcopal Church, Pieter de Hoochweg 131)
De dispositie is als die bij oplevering in 1912.
Verdere lotgevallen:
1xxx, H. Vermeulen, dispositiewijziging.
1945, H. Vermeulen, uitbreiding met een Tremolo.
1951, H. Vermeulen, teruggave van de destijds verwijderde registers.
1952, Clavaux, terugplaatsing van deze registers.
1960, Harrison & Harrison, herstelling.
1967, Harrison & Harrison, herstelling.
1990, Van der Veer, herstelling en schoonmaak.
1998, Van der Veer, deelrestauratie.
1998, Schoonmaak na herstelling kerkinterieur.
2001, Schoonmaak na brandschade kerkgebouw.
Bronvermelding:
Bart van Buitenen, De orgels van de Engelse Episcopale kerk van Saint-Mary te Rotterdam (2) , De Orgelvriend , 48/2 (2006), 4-11.
M.b.t. de voorganger van het hier beschreven orgel:
Het vorige orgel, gebouwd door Mitterreither in 1773, werd in 1914 geplaatst in Eton College te Windsor [UK], waar het zich (met een nieuw binnenwerk) nog bevindt.


I 53.
Rotterdam, Schotse Kerk
Rotterdam, voormalige Schotse Kerk, Vasteland/Herderstraat)
De dispositie is vrijwel gelijk aan die in Van Bommel, alleen Bouman noemt op het Great Organ een Harmonic Flute 4' en Van Bommel een Flute 4'.
Bronvermelding:
Van Bommel, 24-25.


I 53.
Rotterdam, Raadhuis
(Rotterdam, Stadhuis, Coolsingel 40)
De dispositie is die als bij de oplevering in 1920 tot een onbekend moment van wijziging.
Verdere lotgevallen:
19xx, Standaart, wijziging.
1969, Fonteyn, dispositiewijziging en nieuwe windlade voor het Manuaal.
1987, Herstelling.
2000, Steendam, enkele latere wijzigingen ongedaan gemaakt met gebruikmaking van
Standaartpijpwerk van elders.
2015, Pels & van Leeuwen, restauratie.
2025, Steendam, herstelling. Bronvermelding:
www.orgelnieuws.nl (01-07-2015); mondelinge informatie Sicco Steendam (22-07-2025).


I 54.
Rotterdam, Groote Doelenzaal
(Rotterdam, voormalige Groote Doelezaal, Coolsingel)
De dispositie is die over de periode 1933-1940.
Bronvermelding:
Van Bommel, 158.


I 54.
Rotterdam, Huisorgel Ferd. Timmermans
(Rotterdam, huisorgel Ferdinand Timmermans, Spoorsingel)
Ferdinand Timmermans (Rotterdam 7 september 1891 - Oostenrijk 8 juli 1967) was organist en beiaardier. Ervaring in de orgelbouw deed hij op tijdens een kort dienstverband bij de fa. Standaart. Timmermans was lange tijd verbonden aan de Nederlandse Klokken- en Orgelraad. Na zijn overlijden in 1967 werd de NKO formeel opgeheven.
Met betrekking tot de dispositie van dit orgel heb ik geen ander bronmateriaal gevonden.
Verdere lotgevallen:
De verdere lotgevallen zijn niet duidelijk. Er zijn twee versies:
1.
19xx, Volgens een dochter van Timmermans heeft haar vader dit orgel enkele jaren voor zijn
dood geschonken aan het Gemeentemuseum (nu Kunstmuseum) te 's-Gravenhage. In
de stamboeken en de jaarverslagen 1952-1970 van dit museum, komt dit instrument
echter niet voor. Mogelijk is het aan en ander (tot dusver onbekend) museum geschonken?
2.
1942, Orgel verplaatst naar de Algemene Begraafplaats Crooswijk te Rotterdam en
geplaatst in de Rozenkapel. Het instrument voldeed echter niet en werd al snel door een harmonium vervangen. Hierna loopt het spoor dood. Ter plekke is hierover geen informatie voorhanden.
Bronvermelding:
www.laurameilink.nl (03-05-2021); Brouwer 2017, 56; e-mail kunstmuseum (02-05-2021);
www.orgbase.nl (24-09-2024); e-mail gemeente Rotterdam (26-09-2024).


I 55.
Rotterdam, Chr. H.B.S. en Marnix-Gymnasium
(Rotterdam, Marnix Het Rotterdams Gymnasium, Henegouwerplein 14-16)
Het bouwjaar van dit orgel is 1927. Met betrekking tot de dispositie van dit orgel heb ik geen ander bronmateriaal gevonden.
Verdere lotgevallen:
1962, Pels, nieuw unit-orgel. Het lot van het Sauer-orgel is onbekend.
Bronvermelding:
Werklijst Sauer; De Standaard , 02-11-1927, 6; e-mail Marnixgymnasium dd 04-02-2021; https://pelsenvanleeuwen.nl (30-03-2021).


I 55.
Rotterdam, huisorgel A. Bouman
(Rotterdam, huisorgel mr. A. Bouman, Haringvliet)
Bouman heeft deze dispositie vermoedelijk na een aantal dispositiewijzigingen doorgestreept en een nieuwe beschrijving gemaakt onder I 57.


I 55.
Rotterdam, Huisorgel bij G. van der Kleij
Gerrit van der Kleij (Rotterdam 25 juli 1882 - Rotterdam 23 november 1946) had 1896-1940 samen met zijn broer Jan (Rotterdam-Hillegersberg 15 augustus 1866 - Rotterdam 02 juli 1923) een orgelmakerij in Rotterdam.
Met betrekking tot de dispositie van dit orgel heb ik geen ander bronmateriaal gevonden.
Mogelijk maakte dit instrument op het moment van vastlegging deel uit van de handelsvoorraad van de firma Van der Kleij.
Verdere lotgevallen:
1939, Strunk, geplaatst in de Gereformeerde kerk van Sibculo. In Sibculo was op het moment
van plaatsing formeel echter nog geen Gereformeerde kerk, die werd pas op 10
september 1945 geïnstitueerd. Het kerkgebouw werd in 1951 in gebruik
genomen (thans de huidige Protestantse Kloosterkerk). Het uit Rotterdam afkomstige
huisorgel heeft vermoedelijk in de tussenliggende periode in een tijdelijke preekvoorziening, een voormalig schoolgebouw, gestaan. In het nieuwe kerkgebouw heeft tot 1991 een orgelimitatie gestaan.
Bronvermelding:
www.reliwiki.nl (20-04-2021).


I 55.
Rotterdam, Huisorgel Mej. A. van Rijn
Met betrekking tot de dispositie van dit orgel heb ik geen ander bronmateriaal gevonden.
Verdere lotgevallen:
1939, Strunk, plaatsing als huisorgel voor dhr. Luijendijk te Rotterdam.
Bronvermelding:
Ontleend aan Boumans eigen aantekeningen.


I 56.
Rotterdam, huisorgel C.A. Streefkerk
De dispositie van dit unit-orgel is vermoedelijk die over de periode 1933-1936.
Bouman heeft deze dispositie vermoedelijk doorgestreept i.v.m. de verplaatsing en wijziging van 1936. Het instrument is opnieuw beschreven onder II-A 3.
Verdere lotgevallen:
1936, Verkocht aan M.C. Speelman te Rotterdam - Overschie, kerkvoogd van de Grote kerk
aldaar. Geplaatst en gewijzigd door Strunk.
1965, Verkocht aan de Hervormde Adventskerk te Rotterdam - Overschie. Geplaatst en
gewijzigd door C.H. van Oosten.
1985, De Adventskerk wordt afgestoten.
1989, Gebouw gesloopt. Het lot van dit orgel is onbekend.
Bronvermelding:
https://Standaart-orgels.nl (30-03-2021).


I 56.
Rotterdam, huisorgel P. Woudsma
Met betrekking tot dit orgel heb ik geen andere informatie gevonden.


I 56.
Rotterdam, Zweedsche kerk
(Rotterdam, voormalige Zweedse Zeemanskerk, Boompjes 122)
De dispositie is die als bij de oplevering in 1940.
Bronvermelding:
www.orgbase.nl (10-08-2024).


I 57.
Rotterdam, huisorgel Mr. A. Bouman
(Rotterdam, huisorgel mr. A. Bouman, Haringvliet)
De dispositie is die over de periode 1939-1940.
De door Bouman toegevoegde Cymbel is voor verscheidene orgelmakers (bv Van Leeuwen, Pels en Verschueren) aanleiding geweest om Cymbels III of IV met dergelijke repetities in grotere orgels op te nemen (zoals de Jacobskerk te 's-Gravenhage en de St-Willibrordus-binnen-de-veste te Amsterdam).
Bronvermelding:
Victor Timmer, Huisorgels, salonorgel nr. 32 , De Mixtuur , nr. 31 (1980), 32-34.


I 57.
Rotterdam, huisorgel P. Kluyver
(Rotterdam, huisorgel P. Kluyver, Vijverweg 38)
Ir. Pieter Kluyver (01 februari 1909 - 12 februari 1992) verhuisde 1946 van Rotterdam naar Groenekan. Hij was directeur van de planologische dienst van de provincie Utrecht. Daarnaast was hij voorzitter van de gemeentelijke Utrechtse schoonheidscommissie, van de Bond Nederlandse Stedebouwkundigen en lid van de Rijksmonumentencommissie. Orgelspel en orgelbouw was zijn liefhebberij. Als orgeladviseur was hij betrokken bij projecten in Apeldoorn, Utrecht en Zaandam.
De dispositie is die over de periode 1940 tot < 1970.
Verdere lotgevallen:
1946, Het orgel wordt overgeplaatst naar de nieuwe woning van de eigenaar te Groenekan.
<1970, Pels & van Leeuwen, Fluittravers 8' disc. vervangen door een nieuwe Mixtuur 3
sterk. Het oude pijpwerk bleef bij het instrument bewaard.
1978, Aangekocht door de Stichting Karel Bouman.
1979, Flentrop, restauratie, in bruikleen geplaatst in de Bois-le-Duczaal van het provinciehuis
te 's-Hertogenbosch.
1999, Flentrop, restauratie en reconstructie.
2017, Het orgel is door de provincie Noord-Brabant in eigendom verworven.
Bronvermelding:
dr. Arend Jan Gierveld, Het Nederlandse huisorgel in de 17 de en 18 de eeuw (Utrecht 1977), 308-309; www.flentrop.nl (03-05-2021); Len Janssens (red.), Kunst met een grote K. Selectie van kunstwerken in en om het provinciehuis . Uitg. provincie Noord-Brabant, versie nov. 2019, 18.


I 58.
Rotterdam, huisorgel C.H. van der Leeuw
Cornelis Hendrik van der Leeuw (Rotterdam 15 maart 1890 - Rotterdam 19 mei 1973) was firmant van de firma Van Nelle. Het Standaart-orgel werd in 1929 geplaatst in zijn nieuwe woning aan de Kralingsche Plaslaan 38. Kort daarop ging hij medicijnen en psychiatrie studeren in Wenen. Na zijn promotie in 1939 keerde hij naar Rotterdam terug. Mogelijk is op dat moment het huisorgel verkocht aan het Conservatorium, Van der Duynstraat, Rotterdam. Zoals door Bouman aangegeven, ging dit instrument bij het bombardement op Rotterdam ten onder.
Met betrekking tot de dispositie van dit orgel heb ik geen ander bronmateriaal gevonden.
Bronvermelding:
https://nl.wikipedia.org (30-03-2021); Rotterdamsch Nieuwsblad , 05-12-1938, 6.


I 58.
Rotterdam, huisorgel dr. J. Wijnands
Met betrekking tot dit orgel heb ik geen andere informatie gevonden.


I 59.
Rotterdam, fa. Standaart
(Schiedam, Standaart Orgelfabrieken, Westvest 90 A)
Vermoedelijk maakte dit instrument deel uit van de handelsvoorraad van de firma Standaart. Het door Bouman genoemde adres was vermoedelijk een opslagruimte.
Verdere lotgevallen:
1940, Spiering, plaatsing in de Gereformeerde kerk van 's-Gravendeel.
1958, Orgel gesloopt.
1959, Van Vulpen, nieuw orgel in het nieuwe kerkgebouw.
Bronvermelding:
www,orgbase.nl (24-09-2024).


I 59.
Rotterdam, Grand-theater
(Rotterdam, voormalige Grand Théâtre, Pompenburg)
Het theater-orgel werd door Wurlitzer van Amsterdam naar Rotterdam overgebracht.
Bronvermelding:
e-mail Peter Koppe (NOF) (27-04-2021).


I 60
Rotterdam, Thalia-theater
(Rotterdam, voormalige Thalia-theater, Hoogstraat 323)
Dit theater, aanvankelijk gehuisvest Coolvest 44, werd in 1911 gesticht door Abraham Tuschinski (1886-1942). Al in het volgende jaar werd het verplaatst naar de Hoogestraat. Aanvankelijk werden de films begeleid door een 'prima Symphonie orkest', maar in 1926 werd door Standaart een theaterorgel geplaatst. Het was een betrekkelijk klein orgel met ongeveer 400 pijpen. Het instrument was besteld bij Standaart wat opvallend is, omdat Tuschinski ten behoeve van zijn twee andere theaters een Wurlitzer-orgel aangeschaft had. Standaart deed intussen het onderhoud van deze Wurlitzer-orgels en had de mogelijkheid om de technieken van Wurlitzer te bestuderen en te kopiëren.
Het theaterorgel werd dececember 1926 door Pierre Palla ingespeeld.
Tijdens het bombardement vloog vloog het theater in brand. Toen de stroom uit viel, schakelde automatisch de noodstroom aan, hierop was ook het orgel aangesloten. Doordat stukken puin op de toetsen vielen, kwam er onverwacht geluid uit de pijpen en ging het orgel 'al spelend' ten onder.

Bronvermelding:
https://stadsarchief.rotterdam.nl/zoek-en-ontdek/themas/tuschinski/ (03-08-2024); Nieuwe Rotterdamsche Courant, 27-12-1926, 5; Peter Koppe, Het wonderorgel van Rotterdam, De Orgelvriend, 67/9 (2025), 14-15.


I 60.
Rotterdam, ROXY-theater
(Rotterdam, voormalige Roxy Theater, Westkruiskade 26)
Verdere lotgevallen:
Het theater is in 1936 gesloten. Het lot van het orgel is onbekend.
Bronvermelding:
Cinema Context - Roxy • Rotterdam • Westkruiskade 26 (uva.nl) (28-04-2021).


I 61.
Rotterdam, CITY-theater
(Rotterdam, voormalige City Theater, Hoogstraat 136)
Dekker bouwde 'Golder Oriole'-cinema-orgels. Ze waren niet zo succesvol als de cinema-orgels van Standaart. Er zijn er maar weinig van gemaakt en waren kwalitatief een stuk minder dan die van Standaart.
De dispositie wijkt op details af van de opgave in het opdrachtencahier van Dekker.
Bronvermelding:
Opdrachtencahier A.S.J. Dekker; e-mail Peter Koppe (NOF) (27-04-2021).
I 61-62.
Rotterdam, W.B.-theater / Capitol-theater
(Rotterdam, voormalige Western Bioscoop theater / Capitol-theater, Nieuwe Binnenweg 326)
In 1923 plaatste Standaart hier een theater-orgel, zijn opus 1 op dit terrein. Toen het theater in 1931 in andere handen over ging, kwam er opnieuw een Standaart-theaterorgel. De door Bouman vermelde dispositie zal die van dit laatste instrument zijn.
Verdere lotgevallen:
1948, Instrument gewijzigd.
196x, Het orgel wordt buiten gebruik gesteld. Componenten ervan zijn waarschijnlijk bij
liefhebbers terecht gekomen.
Bronvermelding:
Standaart-orgels.nl (04-02-2021); e-mail Peter Koppe (NOF) (23-04-2021 en 27-04-2021).
I 62-63.
Rotterdam, LUXOR-theater
(Rotterdam, Oude Luxortheater, Kruiskade 10)
Verdere lotgevallen:
1952, Verbouwd.
1965, Verbouwd.
19xx, Het orgel wordt ontmanteld, componenten ervan zijn bij de N.O.F. terecht gekomen.
Bronvermelding:
www.Standaart-orgels.nl (04-02-2021); e-mail Peter Koppe (NOF) (23-04-2021 en 27-04-2021).


I 63.
Rotterdam, huisorgel J. van der Gaag
Met betrekking tot dit orgel heb ik geen andere informatie gevonden.


I 63.
Rotterdam, fa Bender
(Rotterdam, voormalige firma Bender's pianomagazijnen , Witte de Withstraat 28)
Christiaan Carel Bender richtte in 1850 een pianohandel op in Leiden. Later kwamen er filialen bij in Amsterdam, Rotterdam en Arnhem. Bender was enige tijd vertegenwoordiger van de Amerikaanse instrumentenfabriek The Aeolian Company .
Het hier beschreven orgel (Walcker, opus 2371) werd oorspronkelijk gemaakt voor de Evangelische Kirchengemeinde te Pforzheim [D], maar al snel doorverkocht aan Verweys. Op het moment van vastlegging door Bouman maakte het instrument deel uit van de handelsvoorraad van de firma Bender.
Verdere lotgevallen:
Over de uiteindelijke bestemming van dit orgel is mij niets bekend.
Bronvermelding:
Walcker , Opus-Buch 34 , 32-39.
I slotpagina.
Rotterdam, huisorgel Ds. A.M. van der Laar Krafft
De eigenaar van dit huisorgel was de predikant en publicist Andries Martinus van de Laar Krafft (Willemstad [Cur] 2 juni 1901 - Rotterdam 5 november 1964). Mogelijk heeft deze dit huisorgel aangeschaft nadat hij vanuit Curaçao een beroep in Rotterdam-Heenvliet had geaccepteerd.
Met betrekking tot de dispositie van dit orgel heb ik geen ander bronmateriaal gevonden.
Bronvermelding:
https://nl.wikipedia.org (01-04-2021).
I slotpagina.
Rotterdam, huisorgel B.G. Heyboer
Met betrekking tot dit orgel heb ik geen andere informatie gevonden.